|
De roep van het zilver “De ijzervreters” en “De menseneters” vormen samen met “De maïseters” de trilogie “De roep van het zilver”. Veel van de gebeurtenissen die hierin worden beschreven zijn gebaseerd op het authentieke verhaal van de uit het Beierse Straubing afkomstige Ulrich Schmidl. Deze Beierse landsknecht zette zijn ervaringen zelf op papier nadat hij bijna twintig jaar van zijn leven als soldaat in de Río de la Plata had doorgebracht, een uitgestrekt gebied dat tegenwoordig deel uitmaakt van Argentinië, Paraguay en Uruguay. Zijn reisverslag over de ontdekking en verovering van de Río de la Plata werd voor het eerst in 1567 gepubliceerd. In 1902 publiceerde Samuel A. Lafone Quevedo een Spaanse uitgave van deze reisbeschrijvingen die hij direkt uit het Duits vertaald had. Hij baseerde zich op “Ulrich Schmidls Reise nach Süd-Amerika in den Jahren 1534 bis 1554. Nach der Münchener Handschrift herausgegeben von Dr. Valentin Langmantel, Tübingen Literarischer Verein Stuttgart, 1889”. De Spaanse vertaling van deze uitgave uit 1889 was door Lafone Quevedo rijkelijk van noten voorzien, die mij veel opheldering hebben verschaft bij het ontwarren van de gebeurtenissen die in de Río de la Plata plaatsvonden in de periode dat Ulrich Schmidl daar verbleef. Dit reisverslag is inmiddels op de volgende website te vinden: http://cervantesvirtual.com Hoewel “De roep van het zilver” gebaseerd is op een authentiek reisverslag blijft deze trilogie wel een historische roman waarin de feiten uit het verleden zich vermengen met gebeurtenissen die zijn ontsproten aan de fantasie van de auteur. We kunnen ons nu eenmaal alleen maar een voorstelling maken van hoe het geweest zou kunnen zijn, niet hoe het in werkelijkheid was.
Deel 1: “De ijzervreters” Aan het begin van de 16e eeuw doen in Europa verhalen de ronde over de legendarische rijkdommen van de Nieuwe Wereld. Veel avonturiers en ijzervreters besluiten om de gevaarlijke tocht naar het in Zuid-Amerika gelegen Río de la Plata te maken. De expeditie staat onder leiding van de Spaanse edelman Don Pedro de Mendoza. Ook de Beierse soldaat Ulrich Schmidl neemt aan deze gewaagde onderneming deel. Hij gaat op reis in opdracht van zijn werkgever, de rijke koopman Jakob Welser uit Neurenberg, die speciaal voor deze expeditie een schip laat uitrusten. Voordat de expeditie Spanje verlaat, moet de Straubinger zijn werkgever op de valreep nog een dienst bewijzen. De oude koopman is namelijk op zoek naar zijn bastaardzoon, die hij lang geleden verwekt had bij de vrouw van een rijke wolkoopman uit Valencia. Samen met een scheeps-jongen die voor hem moet tolken reist Ulrich Schmidl van Cádiz naar Valencia en doet navraag naar deze zoon, die inmiddels Valencia verlaten blijkt te hebben. Zo begint een zoektocht door de binnenlanden van het Spanje van de Habsburgse Karel V, die eindigt in Huélamo, een dorpje in de bergstreek rond de Castiliaanse stad Cuenca. Hier maakt Schmidl uiteindelijk kennis met Juan Romero, de bastaardzoon van Jakob Welser, die maar wat graag de wolhandel van zijn moeder vaarwel zegt om aan de expeditie naar de Río de la Plata deel te kunnen nemen. Deel 2: “De menseneters” Na aankomst van de expeditieleden in de Río de la Plata wordt al snel duidelijk dat de naam van het gebied niet met de werkelijkheid overeenkomt. In de provincie van de Nieuwe Wereld die Don Pedro de Mendoza als gouverneur ten deel is gevallen, bestaat geen “zilverrivier”. Een volk dat over dit edele metaal beschikt of het bewerkt is ook nergens te vinden. De Querandíes, de oorspronkelijke bewoners van de Río de la Plata, zijn arm en leven als semi-nomaden op de uitgestrekte vlakten van de Pampa. De illusies van de op rijkdommen beluste veroveraars verdwijnen dan ook als sneeuw voor de zon. Aan hun dromen komt voorgoed een einde wanneer de Indianen besluiten om de lastige indringers niet langer meer van voedsel te voorzien. Zo onstaat er voor de Spanjaarden een rampzalige situatie, die bijna de ondergang van de prille kolonie tot gevolg heeft. Ze moeten oorlog voeren tegen de Indianen terwijl het voedsel steeds schaarser wordt. Enorme honger leidt uiteindelijk zelfs tot kannibalisme. In dit tweede deel van de trilogie raakt Ulrich Schmidl, samen met Juan Romero, verwikkeld in de intriges van de expeditie, zelfs nog voordat de onderneming de Río de la Plata bereikt. De executie van generaal Osorio die onder verdachte omstandigheden plaatsvindt in de baai van Río de Janeiro, zal verstrekkende gevolgen hebben voor het verdere verloop van de expeditie. Door dit noodlottige voorval weet Ulrich Schmidl het vertrouwen te winnen van zijn superieuren, vooral van de Baskische kapitein Domingo Martínez de Irala. Eenmaal in de Río de la Plata, moet Schmidl, evenals zoveel andere expeditieleden, het hoofd bieden aan allerlei ontberingen, waaronder hongersnood. In 1541 is de Beierse soldaat er getuige van hoe Buenos Aires, de nederzetting die ze aan de westelijke oever van de Río de la Plata met zoveel moeite hadden weten op te bouwen en die wonder boven wonder alle Indiaanse aanvallen had weten te doorstaan, opzettelijk in brand wordt gestoken in opdracht van de Baskische kapitein Domingo Martínez de Irala, die hierbij wordt aangemoedigd door de koninklijke ambtenaar Alonso Cabrera. Welke duistere voornemens hebben de Bask en zijn partijgenoten doen besluiten om de belangrijkste vestiging van de kolonie te verwoesten en hun inwoners te dwingen de nog smeulende resten van het afgebrande fort te verlaten? Deel 3: “De maïseters” De inwoners van Buenos Aires worden met schepen via de rivieren Paraná en Paraguay overgebracht naar het verre Asunción, gelegen in het huidige Paraguay. Ze hebben geen andere keuze dan de bevelen van Domingo Martínez de Irala op te volgen, die door de expeditieleden als tijdelijke opvolger van Don Pedro de Mendoza is uitgeroepen, nadat de gouverneur in 1537 doodziek de Río de la Plata had verlaten en tijdens de overtocht naar Spanje was komen te overlijden. In Asunción, ver weg van de immense rivier-monding van de Río de la Plata, neemt de macht van Domingo Martínez de Irala en zijn trouwe aanhangers steeds meer toe. Ver weg van het moederland, in Paraguay, ontpopt de Bask zich als een ware dictator, ten koste van de machtspositie van de Spaanse Kroon. In het gebied rond de Spaanse vestiging Asunción leven de Guaraníes, inheemse inwoners die maïs verbouwen. Zij sluiten vriendschap met de Europese vreemdelingen. Het buitengewone klimaat maakt twee oogsten per jaar mogelijk en in ruil voor steun bij hun gevechten met rivaliserende Indiaanse stammen zijn de Guaraníes bereid om voedsel te delen met hun nieuwe bondgenoten. Het zoeken naar eten is dan ook niet langer meer van levensbelang voor de Spanjaarden. Bovendien bieden de Guaraníes hun dochters en andere huwbare familieleden aan. Spoedig zullen vele ijzervreters zich in het aardse paradijs wanen: ze komen niet langer meer om van de honger en iedere man beschikt over zijn eigen harem Indiaanse vrouwen. Het enige wat de wereldreizigers nog ontbreekt zijn de bergen goud en zilver die men hun in Spanje had beloofd. Hoopvol worden er daarom nog steeds expedities ondernomen, op zoek naar de rijkdommen van “El Rey Blanco”, de legendarische “witte koning”, iedere keer verder de binnenlanden in. Het wankele evenwicht dat de Spaanse veroveraars tot stand hebben weten te brengen in hun relaties met de Guaraníes in Asunción, dreigt voorgoed te worden verstoord wanneer Cabeza de Vaca in Paraguay verschijnt als de wettige opvolger van de overleden gouverneur Don Pedro de Mendoza. Het duurt niet lang of er rijzen interne conflicten over het gouverneurschap, die de Spaanse samenleving in Paraguay op dramatische wijze verdeelt: de voorstanders van gouverneur Cabeza de Vaca en de aanhangers van kapitein Domingo Martínez de Irala. Een ware burgeroorlog staat op het punt uit te breken. Dit derde deel van de trilogie schildert de belevenissen van Ulrich Schmidl tijdens de scheuring van de Spaanse samenleving in Paraguay. Hij zal moeten kiezen of hij zich achter de door de Spaanse Kroon gesteunde gouverneur Cabeza de Vaca zal scharen of dat hij zijn superieur Domingo Martínez de Irala trouw zal blijven. Bijna twintig jaar lang zal de Beier in de Río de la Plata vertoeven, totdat een brief van zijn zieke broer Thomas hem naar Straubing terugroept.
|